Uitbuiting in Indiase kledingfabrieken

Van de mooie beloftes die Europese en Amerikaanse kledingbedrijven vorig jaar naar aanleiding van het rapport ‘Captured by Cotton’ van SOMO en de Landelijke India Werkgroep (LIW) uit 2011 maakten, is weinig terecht gekomen. Er zijn nog steeds ernstige misstanden, zoals kinderarbeid en mensenrechtenschendingen in de Zuid-Indiase kledingfabrieken, meldt het vervolgrapport ‘Maid in India’.

Tot op de dag van vandaag werken duizenden vrouwen en jonge meisjes onder omstandigheden die niet anders kunnen worden aangeduid dan gebonden arbeid’, zo blijkt uit het rapport dat woensdag 25 april werd gepubliceerd.

Einde aan arbeidsmisstanden?

Maid in India’ is het vervolg op het rapport ‘Captured by Cotton’ uit 2011 dat de uitbuiting in de kledingindustrie in Tamil Nadu beschreef.  Europese en Amerikaanse kledingbedrijven beloofden in reactie hierop een einde te maken aan de arbeidsmisstanden. Nu, een jaar later, maken SOMO en LIW de balans op, op basis van uitgebreid veldonderzoek inclusief interviews met ruim 180 vrouwelijke werkneemsters, en een analyse van exportgegevens. 

Quicksilver, Diesel, Primark, Tommy Hilfiger en C&A onder vuur

Meer dan 70 westerse kledingmerken en kledingzaken werden in het onderzoek meegenomen. De bekende merken Quicksilver, Diesel, Tommy Hilfiger, Primark en C&A  lagen de afgelopen dagen dan ook flink onder vuur van diverse media om hun reacties te geven (zie verwijzingen onder bericht). Het rapport beschrijft de stappen die bedrijven hebben genomen om de situatie in de Indiase kledingfabrieken te verbeteren, maar concludeert dat ernstige mensenrechtenschendingen blijven voortduren.

Sumangali systeem

De overgrote meerderheid van de werkneemsters komt uit Tamil Nadu en andere delen van India, is jonger dan 18 en heeft een zeer arme Dalit-achtergrond (kastelozen). Deze meisjes worden gelokt met een verleidelijk contract: het zogenaamde Sumangali systeem. Dat is de toezegging van een redelijk salaris, goede behuizing en geld voor een bruidsschat. Echter, de meisjes maken lange dagen en veel overuren, krijgen een heel laag loon en werken onder ongezonde arbeidsomstandigheden waar intimidatie en geweld veel voorkomt. Meestal is het uitdienen van de contractperiode een voorwaarde voor het ontvangen van het beloofde geldbedrag voor de bruidsschat, dat in feite geen bonus is, maar ingehouden loon. Daarnaast zijn de vakbonden zwak en kampen met enorme tegenwerking. Vooral in de katoenspinnerijen is de situatie uiterst zorgwekkend. 

Vakbondsvrijheid

De enige manier om de voortdurende mensenrechtenschendingen aan te pakken, is samenwerking, volgens SOMO en het LIW. Met concrete en meetbare mijlpalen, waarbij de hele toeleveringsketen wordt aangepakt tot en met de weverijen en spinnerijen aan toe. MVO-initiatieven, certificeringsinstellingen en brancheorganisaties zoals Modint en Mitex, moeten hun leden oproepen tot concrete maatregelen. Aan nalatigheid behoren disciplinaire maatregelen verbonden te worden. Vakbondsvrijheid en de mogelijkheid tot collectieve arbeidsonderhandelingen zijn essentieel om arbeiders in staat te stellen zelf voor hun rechten op te komen. Westerse bedrijven die afnemen in Zuid-India moeten zich actief inspannen voor het realiseren van deze rechten.
(bron: SOMO; LIW)

Meer lezen:

Additional information