Conclusies kledingmerken onderzoek 2011

Wat eigenlijk direct opvalt bij de resultaten van de Kledingchecker, is dat informatie over de middelste ketenschakel ontbreekt, waar de materialen worden bewerkt en waar de sociale en milieu aspecten zwaar wegen. Vrijwel alle bedrijven konden hier geen duidelijkheid over geven. De kledingketen is namelijk heel complex.

Dat maakt het moeilijk om echt na te gaan op welke gebieden een bedrijf verduurzaamt en dan is de volgende vraag: voor welk deel van de collectie geldt dat? De meest opvallende conclusies zijn de volgende:

Conclusie 1: Missing link

Diverse duurzaamheidsinitiatieven (zoals keurmerken en sectorcodes) richten zich op arbeidsomstandigheden in de fabrieken waar de kleding in eindbewerkingsfase zit. Ook zijn er initiatieven met een focus op materialen afkomstig van milieuvriendelijke boerderijen. Echter, de ‘middelste’ ketenschakel, waarin de ruwe bewerking zoals het spinnen en verven plaatsvindt, komt bijna niet aan bod. Vaak kunnen leveranciers geen duidelijkheid geven over de situatie in deze schakel, terwijl daar ook prangende sociale en milieukwesties spelen.

Conclusie 2: Windowdressing

Veel grotere bedrijven werken wel met sectorinitiatieven of keurmerken, maar vinden het lastig om aan te geven op welk aandeel van het volume dit initiatief van toepassing is. Twee bedrijven kunnen hetzelfde initiatief noemen, maar het maakt groot verschil voor welk deel van de collectie dit geldt. Voor één rekje in de hele winkel of voor een substantieel deel van de collectie? Daar vragen we als onderzoeksorganisatie scherp op door. Anders staat het wel mooi in de etalage en op alle documenten, maar is het letterlijk windowdressing.

Conclusie 3: Verificatie

Hoewel steeds meer bedrijven met een eigen gedragscode werken of een sectorinitiatief omarmen, biedt dit de consument nog geen garantie dat de fabrieksarbeiders onder acceptabele omstandigheden werken. Deze codes en initiatieven omvatten meer intenties dan heldere afspraken en garanties. Ook de waarborging ervan verschilt, dat wil zeggen: in hoeverre de standaarden nageleefd worden, wordt in wisselende mate gecheckt door deze bedrijven. Ook bij keurmerken verschilt dit. Soms zijn er hele scherpe procedures voor verificatie, maar bij sommige keurmerken is dat maar de vraag. Daar wordt bij het toekennen van de scores goed op gelet. Gelukkig zien we wel een trend dat keurmerken die controles aanscherpen en en de verificatieprocedures verbeteren. Er is ook aandacht voor progressie, wat kan inhouden dat er minimumeisen of ‘instap-initiatieven zijn, waarin een groeimodel is geïmplementeerd.

Conclusie 4: Economie

Ook is er bij veel van deze duurzaamheidsinitiatieven (zoals genoemd in conclusie 2) te weinig aandacht voor de economische aspecten van duurzaamheid, zoals oneerlijke contracten tussen leveranciers en afnemers, zeer gebrekkige toegang tot marktinformatie, belastingont­duiking en -ontwijking en corruptie. Kortom: alles wat nodig is om een eerlijke markt mogelijk te maken, waarbij alle bedrijven in de keten een eerlijke winst kunnen maken.

Aanvullende gegevens